En voor wie neem ik mijn petje af? Voor Fijne Mensen. Die vind je hier.
Ik werk niet met klanten maar met Fijne Mensen.
Meestal zijn dat sensitieve vrouwen die halverwege zijn en tot de ontdekking komen dat ze het al weten. En dán gaan ze het ook dóen.
Vrouwen die snel denken, diep voelen en varen op een innerlijk kompas. Ze werden ondernemers omdat ze niet in hokjes pasten en niet meer wilden voldoen. Intuïtieve leiders en creatieve makers, die niet tot hun recht komen in systemen die om standaarden draaien. In een wereld die snelheid en stelligheid beloont, brengen zij iets anders: vertraging, afstemming en ruimte voor het geheel.
Wat Fijne Mensen doen of hebben gedaan, zegt niets over wie ze zijn. Ze arriveren niet: ze verschijnen. Daardoor lijkt het soms of ze verschillende gezichten hebben. Dat is niet zo: hun identiteit hangt af van de mate waarin ze zich gezien en gehoord voelen en hoe ze worden uitgenodigd. Daarom kunnen ze in elke ontmoeting anders verschijnen. Fijne Mensen geloven dat ontmoetingen iets teweegbrengen wat groter is dan een product of een dienst. Het draait om de ontmoeting: de ervaring, de reis. Jij wordt een beetje ik en ik een beetje jij en samen worden we een wij. In elke ontmoeting nemen we een klein stukje van elkaar met ons mee, waardoor iets wezenlijk in ons verandert.
Fijne Mensen leven vanuit visie en verbinding. Ze willen de wereld liever en mooier achterlaten dan hoe ze haar vonden. In hoe ze leven, werken en keuzes maken. Ontdekkingsreizigers die met hun schoenen geveterd klaar staan om te gaan. Diepvoelers, sneldenkers. Allergisch voor valse autoriteit en bijbehorende moetjes. Nieuwsgierige Aagjes ook.
Ze zoeken niet: ze vinden liever. Daarbij steken ze graag iets op van zichzelf: met zelfspot en met humor. Mensen die een diepere laag willen vinden zonder het idee te hebben dat ze diep moeten graven. Of zinken. Mijn klanten zijn écht fijne mensen. Ze stellen vragen die anderen lastig vinden en willen weten waarom iets op een bepaalde manier moet, als het ook anders kan.
Fijne Mensen stellen de medemenselijkheid vóór de regeltjes.
Ze beginnen meestal aan een baan, project of bedrijf om verschil te maken. Met een missie: iets toevoegen wat er nog niet was. Niet zozeer voor zichzelf: voor het grotere geheel want alles is immers met elkaar verbonden.
Soms ervaren ze een niet-pluis gevoel. Dan klopt er iets niet (meer). Dat gaan ze eerst uitzoeken in hun hoofd. Daar woont het probleem ook, maar dat zien ze niet. Dat unieke smaakje of talent dat ze wilden toevoegen? Foetsie. Van paradijsvogel transformeren ze naar mus terwijl hun innerlijke flamingo eenzaam in het verkeerde badje dobbert, tussen kwekkende eendjes.
Soms doen fijne mensen verkeerde dingen op de verkeerde momenten en met de verkeerde personen.
Ze lopen vast op dingen doen die moeten zonder dat het klopt of eerlijk is. Dan raken ze overprikkeld en dan lijkt het alsof ze wat ze eerst goed konden, niet meer kunnen.
Klopt niet want mijn klanten kunnen veel.
Héél veel.
Ze zijn knettergoed in voelen, maar niet als ze overprikkeld zijn. Dan kruipen ze in hun hoofd om te beredeneren wat ze dénken te voelen. Soms denken ze dat wat ze doen, niets is. Mijn klanten geloven in experimenten en bruisjes, maar die van zichzelf knuffelen ze dood met smart geformuleerde doelen.
Je kunt toch niet zomaar wat doen?
Dat kan dus wel
Wanneer ze dát ontdekken zijn ze niet meer te houden. Met hun eigen speelregels krijgen ze vleugels en creëren ze de zon achter de maan vandaan. Fijne Mensen bruisen van energie als ze doen wat bij ze past. Daar gaan ze van stralen en dan lopen ze over van energie. Sommige mensen noemen dat overvloed.
Zo worden ze een cadeautje voor zichzelf én voor de wereld.
Jauneke, CEO Marketing vertaalt:
Fijne Mensen zijn sensitieve vrouwen die snel denken, diep voelen en varen op een innerlijk kompas. Ze worden vaak ondernemer omdat ze niet in hokjes passen. Ze arriveren niet: ze verschijnen, afhankelijk van hoe ze worden gezien of uitgenodigd.
Soms transformeren ze van paradijsvogel naar huismus: overprikkeld, vastgelopen op moetjes. Dan veranderen ze van flamingo in een huismus. Als ze ontdekken dat ze de dingen met hun eigen speelregels mogen doen, krijgen ze vleugels.
Dan worden ze een cadeautje voor zichzelf én voor de wereld.
Goed idee! Ik zit vast achter het scherm: je krijgt altijd antwoord.
De ondertussenaar
Dat is een Fijn Mens die van alles en nog wat doet en daar wel bij vaart. Die niet rechtlijnig van A naar B beweegt maar van A naar hoofd-schouders-oh-kijk-een-koe, naar C en dan via een omweg langs F weer terug naar A. Zonder logische verklaring. Omdat het er lekker wapperde of ertussenen paste.
Een ondertussenaar leeft tussen twee gedachten in. Tussen de lijntjes van wat was of kan worden. Pakt iets op wat niet op het programma stond maar ineens opduikt. Het kan een parel zijn of juist een onhandigheid die vraagt: “Ho, wacht even. Kijk nog eens.”
Een ondertussenaar is keigoed in Tussenen. Behalve een woord is dat óók een toestand. Soms zit (of staat) dat als gegoten – dan passen jij en het leven werkelijk overal tussenen.
Tussenen kun je voelen en afstemmen. Het is iets heel persoonlijks. Bij alles wat je doet of denkt kun je je afvragen of het ergens Tussenen past, of het iets bijdraagt of zich ongevraagd nestelt tussen wat je dacht en wat zich aandient. Het laat zich bedienen door je binnenwerk: je glimlach wijst je de weg. Ondertussenaar zijn klinkt makkelijker dan het is: het vraagt een ander soort afstemming. Het is nooit doelgericht (dus vaak niet uit te leggen) maar het meandert, zonder taal of woorden en zonder prioriteitenlijst. Het dóet maar wat en regelt zich vanuit je interne klokwerk. Die metertjes die precies weten hoe laat het is.
Wanneer je ergens tussenen durft te zijn, zit je eigenlijk altijd precies op de goede plek. Tussen twee ademhalingen in, waar de ruimte tussen de lijnen zit. Precies goed.