Over Odette

Wolff. Met extra + F. Van Fijnbedraad, Fun en Fantastisch. 

Ook wel Kedet of Det. 

Eigen-zinnig

Ooit maakte ik ruzie met m’n schoonmoeder toen ze dat nog niet was. Zij was directrice van de majorettes, ik was vijf jaar en had er lol in. Na de vakantie mochten we uniformpjes passen. Olé! Wie mocht er precies geen uniformpje passen? Odette. Te speels, te beweeglijk en te klein. Ik draaide me om, wandelde zó achter mijn moeder aan: de groeten. Hier kom ik niet meer.

Het tekent wie ik ben, mijn gevoel voor autonomie en rechtvaardigheid zijn bovenmatig ontwikkeld. Als je iets belooft, moet je dat ook doen. Kun je dat niet waarmaken? Dan moet je dat uitleggen. En anders ben ik weg.

Saillant detail: op mijn vijftiende keerde ik terug, wurmde me in zo’n pakje en wie stond er bij de deur? Precies. Met een preek over afhaken. Een jaar later werd ze mijn schoonmoeder. Ik ben altijd gebleven. 

Eigen-aardig

Ik had geen poppen maar wel een kast vol boeken. Met mijn poppenwagen vol geladen trok ik erop uit. Mijn rijdende “bibliotheek” als fantasiewereld, die ik wél begreep. Waar ik in kon zíjn en elk “ding” z’n eigen verhaal vertelde.

Mijn broodjes Nutella at ik tussen de middag op, terwijl ik op mijn hoofd stond. Na zo’n acrobatische lunch zag de wereld er frisser uit: de juf of meester leek aardiger en mijn klasgenoten ook.

In de eerste klas werden de populieren op het schoolplein omgehaald. Een spektakel met brullende zagen en vallende stammen. Terwijl het schoolplein juichte, rende ik in mijn eentje naar huis.

Grote mensen vond ik stom. Ze vertelden dingen die niet klopten: dat kon ik aan hun gezicht en lichaam aflezen. Het was nooit congruent. Het maakte de wereld verwarrend en tegelijk glashelder.

 

Eigen-wijs

Onderweg naar volwassenheid werd ik kampioen meebewegen.  Viel overal buiten of ik zat in het verkeerde klasje. Hoorde nergens bij: mocht ik er überhaupt wel zijn?

Waar ik als kind uitbundig was, vervlakte ik in mijn vruchtbare leven. In die periode zorgde ik voor iedereen behalve mezelf. Tot ik tot meerdere keren toe overspannen raakte. Volgens de GGZ verpleegkundige was ik hoogsensitief: dat had ze zelf net ontdekt. 

Gevalletje projectie eerste klasse en toch ben ik dankbaar dat ze het durfde uit te spreken: er ging een wereld voor me open. Vond mezelf in de literatuur terug: alle vinkjes op een rij.

Eindelijk hoorde ik ergens bij.

Mijn ontdekkingstocht naar hoogsensitiviteit werd uitgebreid met hoogbegaafdheid. Ik maakte er zelf een complete studie van, HBO plus master. Zonder thesis.

In die studie vergat ik een detail: lullen is zilver, voelen is goud.

Rond mijn vijftigste ging ik mijn lichaam weer bewonen. Via playfullness, playful inquiry, ACT en improvisaties. Ik ging spelen en werd een kano.

Kwam thuis om nooit meer bij mezelf te vertrekken. 

Eigen-heid

Wat mij terugbracht, bleek een manier van leven zoals kinderen van nature zijn. Spontaan, speels, in het moment. Met vaardigheden die we als mens in de loop van ons leven verliezen. 

Improviseren. Aanklooien. Prutsen. Iets laten ontstaan in het moment.  

En daar gebeurt het. In het moment. Er ontstaat iets in de manier waarop we verschijnen. 

Onze identiteit ligt niet vast.  Net zoals een trein telkens anders oogt naargelang het landschap, kunnen jij en ik anders verschijnen . Soms vallen onze kleuren op, soms gaan ze op in de omgeving.

Wat je toont, wordt mede bepaald door waar en met wie je bent, en door hoe je wordt gezien of uitgenodigd. Identiteit is mijn optiek dus niets iets wat je bezit of kunt worden, maar iets wat ontstaat – in het moment, in relatie, in ontmoeting. 

In een choreografie van aanwezigheid: wat gebeurt wanneer jij en ik er zijn, hier en nu. 

Eigen-Dets

Je verschijnt anders op je werk dan thuis op de bank. Niet omdat je daar minder jezelf bent, maar omdat elke plek iets anders van je vraagt, oproept en weerspiegelt – met dezelfde kern vanbinnen. Je bent niet in beton gegoten en je mag meebewegen met wat zich aandient: als een rivier die haar bedding volgt en tegelijk steeds verandert.

Het leven kent geen handleiding en dat is precies de bedoeling. Je mag jezelf blijven heruitvinden, telkens opnieuw. Je hele leven lang mag je nieuwsgierig blijven naar alles wat nog in je wil verschijnen en je mag onderzoeker zijn van je eigen bestaan. 

Ik maak ruimte voor mensen die al die verschijningen in zichzelf willen ontdekken. Zodat ze op eigen-wijze invulling kunnen geven aan hun bestaan. Mijn werk is voor Fijne Mensen, die bereid zijn om het niet te weten te verdragen. Die het aandurven om hun hoofd van het podium te kieperen om te voelen wat het lijf vertelt. Aagjes die nieuwsgierig zijn naar wat er leeft vanbinnen. Waarbij het verlangen om zichzelf te herontdekken groter is dan hun angst iets te verliezen. Die verantwoordelijkheid nemen voor hun keuzes en hun ontwikkeling kunnen dragen. Ook als het schuurt of ongemakkelijk voelt en vertraagt.

Dat vraagt iets: de bereidheid om te stoppen met doen wat je altijd deed en de vraag “wat krijg ik?” te vervangen door “Wat brengt dit mij?”

En nou wil ik met je werken ook.