Odette Wolff
Odette Wolff

Sinds 2010 draag ik de naam Lettersmid. Ik schrijf over alles wat in mij leeft. Het liefst vind ik woorden die nog niet bestaan, waarbij ik me niet laat leiden door grammatica of spelling.

Stedentrip

“Vijf uur was ik in Amsterdam op vakantie,” vertelt de jonge Deen, met een beteuterd gezicht en z’n arm in het gips.

Het was een vlotte reis geweest. Al gauw was het er gezellig en leuk geworden in een bar, ergens in de binnenstad. Niet in het minst door de drankjes die op vlot tempo werden aangevoerd.

Armpje drukken bleek echter geen goed idee met drank op dus de jongeman belandde met een gekreukelde arm en flink wat pijn op de Eerste Hulp en vervolgens in een ziekenhuisbed.

Met een collega breng ik hem naar de gipskamer. Het gips mag er even af, waarna de arm vakkundig en professioneel wordt gerepareerd op de OK door de orthopeed. Daarna gaat er weer nieuw gips omheen.

Tot mijn schrik zie ik de mobiel van de jongeman nog op z’n bed liggen. Tijdens de rit naar de OK vraag ik of hij misschien een foto van zijn arm wil, omwille van een goed verhaal, voor thuis.

Dat wil hij niet. Hij is te beschaamd over wat er gebeurd is. Ik begrijp het ergens wel en tegelijk schiet de gedachte door mijn hoofd dat we allemaal wel eens iets sufs doen of hebben gedaan. En wanneer de drank in de man zit, dan gaat iets doms doen erg gemakkelijk.

Eenmaal op de OK zet ik de jongeman een mutsje op en wens hem beterschap en succes en neem afscheid.
Zijn treurige gezicht zit me niet lekker, dus halverwege de holding draai ik weer om ik en loop terug.

“Wees niet te streng voor jezelf,” zeg ik. “Je bent maar één keer jong. En dat waren we ooit allemaal en deden we domme dingen. En trouwens: ik ken genoeg “volwassen” mensen die stomme dingen doen. Het is menselijk, we doen dat.”

Hij kijkt me aan en ik vervolg mijn betoog dat ik ven mening ben dat zijn straf van een gebroken vakantie wel genoeg is.
“En mijn arm,” zegt de man.

“Vergeet je gekneusde ego niet,” zeg ik grijnzend.

“Thank you m’am,” zegt de jongeman , terwijl zijn mondhoeken laten zien dat een glimlach weer mogelijk is.

Ik geef ‘m een vette knipoog en wens hem het beste.

2 reacties

  1. Dearest, ooit gehoord van Herman Souer, ambulanceverpleegkundige die zijn ontmoetingen in een boekvormpje goot. ‘Brullen rond de brancard’. (nog bij bol.com) Als je genoeg van jouw soort verhalen hebt verzameld kun jij dat ook. Doen! Ik leerde hem kennen via de gevelstenenwereld.

  2. Ik heb erover gedacht, hard “nee” geroepen, maar sinds de verhalenmachine weer op gang komt, vind ik bundelen toch wel weer een aantrekkelijk idee. Wie weet…. 😉

Reacties zijn gesloten.

Meer blogs:

Pijn

Daar komt Pijn om de hoek zetten. Ze klopt op de deur. Ik doe net of ik haar geklop niet hoor. “Sla

Breuk

Een houten gebouwtje, mijn oude kleuterschool. Het stond destijds op een hoek van de straat waar nu een onoverzichtelijk kruispunt ligt en

Cornelis

Sinds een week is Cornelis in mijn leven gekomen. Eerst heette hij Cornelia maar dat vond ik te statig voor zo’n cactus.

Word fan!

Select list(s)*

Loading