Odette Wolff
Odette Wolff

Sinds 2010 draag ik de naam Lettersmid. Ik schrijf over alles wat in mij leeft. Het liefst vind ik woorden die nog niet bestaan, waarbij ik me niet laat leiden door grammatica of spelling.

Tijd

Ze had al lang uitgemaakt waar ze wilde zijn, in februari 2009. Alleen wist ik dat nog niet.
 
Eigenlijk kwamen we voor haar zusje. We zouden één hond doen. Niet meer twee of drie, hadden we gezegd. Eerder hadden we nog wat anders geroepen: “nooit meer een hond.”
 
Blij en dartelend rende ons reisdoel voor ons heen en weer, onrustig springend en vrolijk. Toen ze eindelijk moe werd, liet ze zich op schoot zetten om te kroelen en te knuffelen. Bij manlief en zoon dan, ik kwam er (nog) niet aan te pas.

Eerlijk gezegd was ik nogal grieperig en had ik niet zoveel zin gehad in een rit op zondag om wéér ergens in de middle of nowhere voor een hond te gaan kijken. We werden zo vaak teleurgesteld.
 
Vanuit het niets stond er een tweede pluizenbol voor mijn neus. Aan mijn voeten. Aandachtig keek ze naar mij omhoog. Automatisch pakte ik het kleine pluizenbolletje op.

Eerst zag ik een enorme kruin, gevolgd door twee kleine kraaloogjes die mij nieuwsgierig opnamen. Het bolletje rolde zich op en plofte neer op mijn borstkas. In een volmaakt rondje.
Een tel later klonk er gesnurk.
 
“Dat is raar,” hoorde ik iemand zeggen.
“Junior gaat nooit bij iemand anders zitten. Kijk haar nou eens slapen.”   
 
Natuurlijk ging die dag niet alleen ons reisdoel mee naar huis, de pluizenbol ging ook mee. Zoon en ik hielden elk een donzig hondje onder onze jas tegen de kou. Zondag 23 februari 2009.

Wel mocht ik nog het een en ander regelen met mijn werk op de poli. Krokusvakantie+ ruilen+vrij lag best ingewikkeld. Maar het lukte, zodat ik onze nieuwe aanwinsten rustig aan ons en aan hun nieuwe huis kon laten wennen. En aan opoe, mijn moeder.
 
Zo werden Spikkel en Junior onze Bibi en Bo.
Ofwel onze harige prinsessen, Koninklijke hoogheden. Tegenwoordig hebben ze een stap-opje nodig om op hun troon, onze bank, te kunnen bestijgen. Vorstelijk kunnen ze uren aaneen hard snurken op een donzen dekbed, met flanellen overtrek.
Comfort is alles en staat voorop.
 
Toch kunnen ze onverwacht als jonge honden van de bank opvliegen. Wanneer de postbode bijvoorbeeld aanbelt en ook wanneer ik met riempjes en tuigjes klaar sta om te gaan lopen. Ondanks hun bejaarde status houden ze van wandelingen. Op ‘t gemak, uitgebreid snuffelend aan van alles en nog wat.

De oortjes zijn een beetje uitgevallen en de oogjes zien ook niet meer zo best. In het donker wandelen levert het ene moment hilariteit op en soms pure angst. De neusjes daarentegen doen het meer dan prima.

Vanmorgen nam ik ze mee op ‘n rondje fiets. Uitgelaten liepen ze rondjes om het voorwiel, om in het kratje kunnen worden geladen. Als een echte Judas fietste ik met een gemengd gevoel en met de kostbare inhoud van mijn fietskrat richting dierenarts.

Daar gaan we weer. De gebitjes. In narcose worden ze gepoetst en gereinigd en waarschijnlijk worden opnieuw ettelijke tanden of kiezen getrokken.
Derde keer, het went nooit. Ook niet na 14 jaar.

“Niet reanimeren”, staat er deze keer op het opnameformulier. Een beetje uitgevlekt, dat wel.

Intussen lurk ik aan mijn vierde kop koffie. Het huis is schoon en leeg. De kipfilet is gekookt, voor later op de dag. Het water heb ik opgevangen, om de drinklust aan te wakkeren. Straks en later.

En nu heb ik ineens zeeën van tijd om iets volslagen nutteloos te gaan doen.

6 reacties

  1. Ik hoop dat je ze beide weer blakend van gezondheid maar nog een beetje suf van de narcose kunt ophelen. Hopenlijk met de auto, want na zo n ingreep kunnen ze best wat kouwelijk zijn!

  2. Ach moesten de dames van Tuttenhoven voor de APK? En toen schreef je dit lieve stukje over ze. Noem dat maar nutteloos.

  3. We mogen ze zo ophalen, Ellen. En natuurlijk met de auto. 😉 Binnen snort de houtkachel. Komt allemaal goed.

  4. Ja, het was weer zover. Derde keer, vorige keer hoopte ik eigenlijk dat ze het niet meer hoefden mee te maken. Maar aangezien lijf en leden van zeer goede kwaliteit zijn, net als hun humeur, mochten ze nog een keertje 😉 (We gaan ze zo weer ophalen)

  5. Je liet me lachen omtrent de luxe die de dames genieten…
    Terecht .ik ken ze ,ze zijn super…

  6. Ze zijn eventjes verwend. Want ja, we kennen ze en vorige keer zijn we een week bezig geweest om hare hoogheid Bibi weer op de rails te krijgen. Bo’s pootje moest nog wel even verbonden, want een nageltje is tekort geknipt (in het leven). Intussen zitten ze beiden weer helemaal lekker in hun vachtje <3

Meer blogs:

Gemakkelijk – of doemaarwatteritis

Eigenlijk is het verneukeratief. #excuseer Wanneer jij iets heel gemakkelijk kunt, (simpelweg omdat het naadloos past bij wie je bent en wat je

Lievelings

Wat doe jij eigenlijk het liefst?” vroeg iemand mij laatst. Ik vertelde ik dat ik ontzettend veel dingen leuk vind en dat

Eigen-waarde

In de afgelopen dagen, weken, kwam er weer eens zo’n aarzelend stemmetje opzetten. Met de vraag of het allemaal nog wel goed

Word fan!

Select list(s)*

Loading